Een stapel klinkers ligt te wachten bij z'n houten
woning aan de Banninkstraat in de Velswijk.
Nu nog ligt er wit zand voor de boerenschuur die hij
omgedoopt heeft tot smederij de Schoppe.Even heeft Bert
Krabbenborg wat minder tijd voor de kunst, want de
bestrating moet er voor 7 mei in. Dan kan hij fatsoenlijk volk
ontvangen in de Kunst10Daagse van Bronckhorst. Hij wil
niet dat ze hun nek breken voor ze beland zijn in zijn
werkruimte. Daar barst het van de gereedschappen,
materialen, kunstwerken en auto-onderdelen.
"Ik laat me zeker inspireren door afval.
Altijd al, als tiener laste ik al een tandem in elkaar."
Na de LTS was het de bedoeling dat hij automonteur werd,
maar daar was moeilijk werk in te krijgen. Hij ging als lasser aan het werk, maar ontdekte dat hij niet in de wieg gelegd was voor seriematig werk. In 1986 kon hij Oldenhave in Vorden als siersmid aan het werk, en dat beviel beter. "Het liefst weet ik niet wat ik morgen moet maken, en ook werken we op allerlei locaties. M'n specialiteit is koperdrijfwerk." Aan de andere kant is het restauratiewerk ook wel vrij voorspelbaar, dus moet Bert af en toe aan het werk om z'n creativiteit te uiten in eigen werk.
Fantasiedieren mag hij graag maken; veelal fraaie vogelfiguren. De ijzerkunstenaar laat de kijvende piranha's zien, waarmee hij vorig jaar de Gelderlander Publieksprijs won. De twee tangen die door tandraderen aan het werk gaan, maken een daverend lawaai. De koperen schort, die bedrieglijk veel op een leren exemplaar lijkt, stuurde hij dit jaar in. "Een beetje in de stijl zoals Jopie Huisman schilderde." Hij maakte het met een collega: "om dit te smeden heb je eigenlijk zes handen nodig."
Bert, eigenaar van het bedrijf Arti-Flex, maakt ook kunst in opdracht. Zoals een menselijke arm, die overgaat in een 'machinaal' gedeelte. Het zou prachtig zijn als hij van de kunst kon leven, mijmert hij: "Dan kun je je eigen tijd indelen. Al mag ik niet klagen over m'n baas. Ik kan voor de kunstroute 's middags thuis zijn, in ruil daarvoor ben ik op kritieke momenten voor hem inzetbaar."
Hoewel Bert voor z'n hobby regelmatig hobbymarkten afstruint en bij bedrijven vraagt of hij even in de afvalcontainers mag neuzen, zullen de bezoekers niet over de rotzooi struikelen. "Een of twee keer per jaar ruim ik op, als het hier wat te vol wordt. Maar ik gooi nooit zomaar wat weg. Soms ontdek ik pas na lange tijd welke mogelijkheden een stuk afval heeft."www.gelderlander.nl/